Botwinnik VD

Donner moet simultaanschaken ergens ‘ volksverlakkerij ‘ hebben genoemd. Ik kan me daar iets bij voorstellen. Het lijkt heel indrukwekkend natuurlijk, een schaker die het in zijn eentje opneemt tegen soms wel veertig tegenstanders, maar daar moet wel bij bedacht worden dat die eenzame simultaangever een groot voordeel heeft. Zodra hij aan het bord verschijnt moet de tegenstander een zet doen, ook al heeft hij nog niet een keus kunnen maken uit de veelheid aan varianten. Naar mate de seance vordert en er steeds minder partijen voortduren wordt het voor de gever steeds makkelijker, terwijl de ‘nemers’ steeds sneller moeten zetten, met natuurlijk het grote gevaar dat ze blunders begaan.

Niettemin, enig ontzag mag er nog wel zijn voor de simultaangevers, zeker als ze meerdere opeenvolgende dagen aan de bak moeten. In Nederland was dat in de naoorlogse jaren niet ongebruikelijk. Na afloop van het Hoogoventoernooi gingen de grootmeesters vaak nog op toernee door het land om, gesponsord door bedrijven als V&D en de Bondspaarbanken, het op te nemen tegen horden amateurs die opeengepakt in grote feestzalen zaten te loeren op een kansje om de gevestigde grootmeesters een loer te draaien.

In het boekje ‘In den eerste stoot pat’ beschrijft Hans Ree hoe het Ljubojevic worstelde met het simultaangeverschap. “In een Nederlandse simultaantoernee speelde hij ooit in iets meer dan een maand dertig voorstellingen.Slopen met de moker, leven als een beest. In de trein, rondjes lopen, trein terug, eten, naar bed, laat opstaan, krant lezen, eten en weer in de trein. Ideaal voor mensen die zichzelf willen vergeten. Hij is een zeer beminnelijk mens, maar aan het eind van de toernee begon hij ruzie te maken en stukken weg te geven.”

Als de grootmeesters in het voorjaar ‘on toer’ gingen deden ze steevast ook Fryslân aan. In de beurs of de Harmonie of waar dan ook maakten de mannen hun meters en slachtofferden ze de schakers die uit heel de provincie naar de hoofdstad waren afgereisd. Zo’n beetje alle groten der aarde gaven hier seances, waaronder ook oud wereldkampioenen als Euwe, Tal en Smyslov. Op bijgaande foto zien we de pas onttroonde Botwinnik in 1965 in actie in Zalen Schaaf. Volgens inzender Hette Van Popta nam hij het onder meer op tegen Paul Boersma, Mient Jan Greben, Henk de Vries en 'mijn persoon' Van Popta: "Ik speelde de Russisiche opening en verloor in 15 zetten".

Nieuwe oude foto's zijn welkom op h.j.dijkstra@planet.nl.